Wind en zeiltrim
Vrij toegankelijk tot donderdag 1 oktober
Wil je de les bewaren? Druk hem dan af zolang hij vrij toegankelijk is.
Een zeilboot kan niet recht tegen de wind in varen, dus vaart hij schuin op de wind. De hoek tussen de koers van de boot en de wind bepaalt hoe ver het zeil wordt gevierd.
Op de afbeelding
- Windpijl: de richting waarin de wind waait
- Boot het dichtst bij de wind: schoot strak aangetrokken, zeil bijna in lijn met de romp
- Boot met wind van opzij: schoot half gevierd
- Boot met wind schuin van achteren: schoot ver gevierd
- Zigzaggend kielzog: een boot die overstag gaat om winst te boeken tegen de wind in
Voorbeelden
- Tegen de wind opwerken is als een steile helling zigzaggend beklimmen in plaats van recht.
- Zoals bij een vlieger: lijntje strak als de wind van opzij komt, los als je met de wind mee gaat.
Belangrijkste punten
- Precies in de wind klappert het zeil en komt de boot stil te liggen.
- Dichter bij de wind betekent de schoot strakker aantrekken; verder van de wind betekent vieren.
Verder in de app
Drie vragen over deze les, om te checken of het is blijven hangen. Gratis in de app zolang de les in de vrije week zit.
Minstens één nieuwe geïllustreerde les van maandag tot en met vrijdag voor het schooljaar van je kind, met een quiz en een herinnering om 18:15 uur.
Download de app
Gratis app, abonnement optioneel
App Store Google Play